vraagje

Is er iemand die hier ooit nog naar kijkt? Laat het me weten AUB
groeten,
Kees.

VERKEERDE en GOEDE WERKEN

Ef.1:7,8 en 2:8-10.

 

Verlossing en vergeving (1:7,8) gaan over de verkeerde werken en een nieuwe schepping en goede daden (2:8-10) vormen het tweede deel van de preek.

 

VERLOSSING, waarvan? Zondemacht; de macht die van onze geboorte af het voor het zeggen heeft  in ons leven.

Menselijk geslacht uit Adam besmet met zondevirus; wel goed geschapen, maar van de vrucht gegeten en veroordeeld tot wat nu de mens heet te zijn. Zoals we van nature zijn zo heeft God ons niet geschapen, dit was zijn bedoeling niet.  Als mensheid zelf de zonde en alle ellende die daar uitvoortkomt over ons gehaald.

Zonde tot alle mensen doorgegaan, Rom.5:12 en Rom.3:10-12 en 23.

Missen de heerlijkheid van God; die heerlijkheid was de bedoeling, mens geschapen om samen met God te leven in heerlijkheid. Als vertegenwoordigers van Hem, beelddrager van Hem de aarde, die vervallen was en door satan en zijn trawanten beheerst werd, terug te brengen onder Gods heerschappij.

Door de zonde dat plan in duigen, beeld van God kapot gemaakt en leven in Gods heerlijkheid niet meer mogelijk.

 In Ef.2:11,12 wordt de positie van ongelovigen t.o.v. Gods volk omschreven:

-onbesneden

-zonder Christus

-zonder verbond

- zonder hoop

-zonder God

Naast het aardse leventje heb je dus helemaal niets, mist alles van de heerlijkheid Gods.

Zijn bedoeling wordt totaal gemist.

Dat is ook precies de betekenis van zonde: doel missen.

(voetbal)

Zo zijn wij er om te leven in Gods heerlijkheid, zijn gezelschap, zijn huis, gemeenschap. Rust, vrede, acceptatie, bemoediging; de zin van je bestaan alles wat je nodig hebt om gelukkig te zijn.

Dat missen door de zonde; in plaats daarvan: aards geluk; vrienden, goede opleiding, leuk werk of goed betaald, fijn huis, gezelligheid, lekker eten, genotsmiddelen, hobby, vacantie enz. enz. Lukt ons hier in Nederland redelijk.

Toch niet echt gelukkig, we missen iets, niet echt voldaan, soms even, toch weer dat onbestemde gevoel; we moeten meer, langer, intenser, luxer.

We komen niet tot het doel van ons bestaan, missen de heerlijkheid van God, door de zonde in ons leven. Zondemacht spiegelt het geluk voor maar geeft geen echte bevrediging maar de grootste ellende.

Ef.1 -> gezegend met alle geestelijke zegen in Christus; daarbij ingesloten: de verlossing. Losgemaakt van de zondemacht die de menselijke natuur in z’n greep had; van de noodzaak om te zondigen. In Christus ben je vrij; geen slaaf meer; je hebt de keuze om nee te zeggen. Het doen van verkeerde werken, zonden, horen bij het oude leven; daar heeft God mee afgerekend. Je bent vrij! Verlost!

Nu: Keuze: ben ik dienstbaar aan de zonde of aan onze Heer en Heiland?

Maak je de verkeerde keuze, geen nood we hebben ook de VERGEVING! Niet alleen van de zonden van voor de bekering, ook van nu, zelfs van morgen!

In Christus zelfs zonder vlek of rimpel voor Gods aangezicht. Breng de duisternis in het licht en het bestaat niet meer. We hebben de continue stroom van vergeving en reiniging in Christus, wat een zegen! Verlost van de zondemacht, inclusief de werken die daar uit voort komen en de vergeving als we toch weer struikelen.

 

In Christus een NIEUWE SCHEPPING (2:10). Het oude leven wordt niet opgekalefaterd, opgepoetst of gerenoveerd. Stop er gewoon mee, besteed er geen aandacht aan, laat links liggen, houd het voor dood (Rom.6:11). Zo rekent God ook; mee afgerekend, voorbij!

Wat in Adam fout ging, leven beheerst door de zonde: voorbij. Nieuwe schepping, in die andere mens, ander geslacht: Christus.

Tot geloof -> opnieuw geboren in een ander leven, los van de zonde; ander leven, niet verwekt door je ouders, ZIJN MAAKSEL. Leven zoals God het van den beginne bedoeld had, beantwoord aan Zijn doel: leven in gemeenschap/ heerlijkheid van God. (Raak! Doelpunt!)  Wees blij juich, zing; je bent een nieuwe schepping die doel treft, bestemming gevonden, beantwoordt aan alles wat we nodig hebben. Waar heb je behoeft aan, waar wordt je daadwerkelijk gelukkig van, alles in Christus in de hemel. Los van de aardse verlangens, omstandigheden, doen er eigenlijk niet toe. We zijn zo ongelofelijk rijk in Christus; een leven in Gods heerlijkheid, zijn gezelschap, zijn huis, gemeenschap. Rust, vrede, acceptatie, bemoediging; de zin van je bestaan alles wat je nodig hebt om gelukkig te zijn.

Geschapen OM GOEDE WERKEN TE DOEN. Noem eens een paar goede werken? (taak in de gemeente, evangelisatie, hulpverlening enz.)

Waar komen ze uit voort? Ik wil iets goeds doen voor de Here, ik wil, ik ga…

Goed en lovenswaardig; complimenten, waardering, blijdschap, voldoening.

Maar zijn het goede werken? Goede werken

…DIE GOD VAN TEVOREN BEREID HEEFT OPDAT WIJ DAARIN ZOUDEN WANDELEN.

Werken die uit God voort komen, die Hij bedacht en voorbereid heeft, passen in zijn plan, beantwoorden aan zijn doel.

Definitie: daden die voorkomen uit de nieuwe schepping, voortvloeisel uit nieuw leven; uit Christus zelf, vrucht van de Geest. Vanuit het nieuwe leven voldoe je aan alle regels en wetten die je maar kan bedenken; het is Christus die ze vervult in jouw leven.

Zorg dat je in gemeenschap bent met Christus en de goede werken komen daar als vanzelf uit voort. De liefde, niet jouw liefde; de vergeving, niet de jouwe; geduld, vriendelijkheid, gericht zijn op de ander  (1Cor.13)enz. enz.

Gaat het om mijn goede werken, of zijn goede werken.

Verkeerde werken komen uit de zondemacht voort; ons hart wordt daardoor beheerst, en alles wat daar uit voort komt: zonde, mist het doel.

Goede werken komen uit God voort; als Hij ons hart beheerst beantwoorden we precies aan het doel.

Gaat dat niet te ver? We doen uit onszelf toch ook wel goede dingen? Ja, dat is niet verkeerd, toch uit een verkeerde bron.

Water uit een vervuilde put is water, maar niet schoon, besmet, kwalijke gevolgen. Menselijke goede werken blijven, hoe goed bedoeld en liefdevol, menselijke werken. Onze goede werken kunnen Gods doel missen; dat is zonde. Alles wat uit onszelf voorkomt is voor God niet meer dan stro, hooi en stoppelen; niet acceptabel. Ik kan voor God aan het werk zijn terwijl het niet naar zijn plan is en niet door Hem is voorbereid. We kunnen ‘vader helpen de auto te wassen met een schuursponsje’ en de hele auto verpesten.

Veel religieuze handelingen komen uit de mens zelf voort en we willen er ook nog iets mee verdienen; misschien zelfs wel de hemel.

Ik kan bv een Bijbelstudie doen of preek schrijven waarbij ik God eigenlijk niet nodig heb (kennis en ervaring). Het volk deed op een gegeven moment precies wat God van hen vroeg, zodat God tevreden zou zijn en ze hun eigen weg konden gaan. God walgt ervan (Jes.1:10-14).

Gaat niet om de vraag: wat doe ik voor God, wat wil ik voor Hem doen, wat wordt er van mij verwacht, maar wat vraagt Hij van mij. Wat wil Hij? Goede werken toch; als goed christen moet je toch….

Wat wil Hij het liefste: gemeenschap; kom binnen geniet van het feest. Niet eerst goede werken, boete doen of fouten herstellen.

Eerste hoofdstukken van Efeze samenvatten met één woord: zitten; je positie in Christus in de hemel innemen.

Bij Hem thuis komen, ontspannen, loslaten, reinigen, eten drinken, toerusten en dan volgen de werken aks vanzelf. Hij is het die het willen en werken in u bewerkt. Alles wat niet uit gemeenschap met God voortkomt mist zijn doel en is zonde.

Neem eens de tijd, bekijk je goede werken, wat doe je letterlijk in Gods naam voor Hem; waar komt het uit voort, waarom doe je het?

Natuurlijk, je doet het om Hem te dienen, maar loop je Hem niet voor de voeten; is het jouw plan voor God of Gods plan voor jou.

Dienen is overgave; niet: ik ga dat voor U doen, wilt U het AUB zegenen. Dienen is jezelf beschikbaar stellen: Heer hier ben ik wat wilt U dat ik doe?

Luther Luther: ‘Goede werken maken een mens niet goed, een goed mens doet goede werken.’ Door goede werken wordt je geen goed christen, een christen doet goede werken en een christen is iemand die gemeenschap heeft met Christus. Door in Hem te zijn doet Hij goede werken aan je hart en werkt zijn plan in je uit. Hij rust je toe, geeft inzicht en wijsheid, inspiratie en kracht. Hij bereid de goede werken voor en voert ze in jou uit.

Het is met goede werken hetzelfde als met het geloof: het is een gave van God, opdat niemand roeme.

Ik wens u een week toe vol van goede werken tot eer van God.

Amen.

God is liefde

1Joh.4:7-10, 16b 

God is liefde (vs.7 en 16)

Het zijn maar 3 woorden, maar het heeft een enorme inhoud. (vorige keer 1Cor,13)

Er staat niet: God is lief of Hij doet lief; maar Hij is liefde, God = liefde. Zijn wezen is liefde, Zijn karakter, Zijn persoonlijkheid. Heb je het over liefde dan heb je het over God en omgekeerd. Hij is de bron de fontein vd Liefde; ‘de liefde is uit God’!

Meestal vullen we het begrip liefde in vanuit ons eigen denkkader; zoals wij liefde kennen en beleven, dat beeld plakken op God. Dat is een menselijke invulling van geestelijk zaken; daar doen we Hem enorm mee te kort en je komt tot verkeerde conclusies, teleurstelling en frustraties.

Vanochtend draaien we het om; we beginnen bij het begin, bij de bron van liefde en gaan dan eens kijken hoe dat in ons mens-zijn ingevuld kan worden.

God is liefde, daarmee raken we Zijn diepste wezen, de kern van Zijn bestaan; God bestaat als het ware uit liefde, en alles wat Hij zegt of doet komt hier uit voort. Zijn goedertierenheid, rechtvaardigheid, vergeving, zorg, geduld, trouw enz enz komen voort uit de liefde.

Het is zo alles omvattend, dat het te veel is voor ons hart, te groot voor ons denken en voelen; wie kan Hem kennen en doorgronden: onmogelijk! Zolang we hier nog op aarde leven is ons kennen onvolkomen, we kunnen Zijn liefde onmogelijk begrijpen.

Toch worden we hier opgeroepen om deze, niet te begrijpen liefde in ons leven te laten zien; dezelfde liefde, goedertierenheid, rechtvaardigheid, vergeving, zorg, geduld, trouw enz.

Dit is nl hét kenmerk van de gelovige. Wanneer deze liefde in jou aanwezig is ben je wedergeboren, uit God geboren, schrijft Johannes hier. Is die liefde er niet, dan ben je geen gelovige en ken je God niet eens. Dus het is van cruciaal belang of deze liefde in je leven aanwezig is.

Uit deze tekst wordt ook duidelijk dat we deze liefde niet zelf kunnen produceren; het is Gods liefde, die uitsluitend bij Hem te vinden is en uitsluitend uit Hem voortkomt. Wanneer je deze liefde toelaat in je leven, leer je God kennen; door zijn liefde te ervaren leer je zijn wezen kennen.

En dan gaat het niet om zomaar wat kenmerken, namen en daden van God; nee je dringt door tot het diepste wezen van Hem, je mag Hem leren kennen van hart tot hart. Christen zijn is niet kennis vergaren maar is een leven in en vanuit Gods liefde. Het is natuurlijk goed om theoretisch of wetenschappelijk met de dingen van God bezig te zijn. Maar je leert Hem pas echt kennen in zijn liefde. Zelfs de grootste theoloog, die z’n leven gewijd heeft aan het leren over God, en er een dik boek over heeft geschreven; die weet nog helemaal niets in vergelijking met hoe Hij werkelijk is. (Theo-sprak-de-waarheid; een theoloog liegt per definitie over God, zeker wanneer je uitgaat vd wetenschap of filosofie; dat je met je menselijk denken God probeert te verklaren).

God is liefde, ook al kunnen dat niet goed begrijpen, we mogen het wel beleven. Wat is het heerlijk om Zijn liefde te ontvangen, toe te laten in je leven.

Dat is zo omvangrijk dat het je hele hart vervuld; en als het aan God ligt wordt je hart overvol van Zijn liefde, van Hemzelf, zodat het vanzelf overstroomt. Dat verandert ons leven en als die verandering bij een ieder van ons doorwerkt verandert dat de gemeente.

God is liefde; wanneer Hij omgaat met ons als mensen, doet Hij dat uit liefde; Hij kan niet anders dan van ons houden. Hij houdt van:

-gelovigen, natuurlijk, zij hebben Zijn liefde beantwoord, zij zijn in Christus, de Geliefde, zoals de Vader Hem noemt..

-de ongelovigen, die nog niets weten van Zijn liefde en het evangelie.

-maar ook de vijanden van het geloof, die Hem bewust afwijzen en vervloeken.

Hij heeft alle mensen onvoorwaardelijk en volkomen lief. Dus voor een ieder die vanochtend hier is geldt: Gods hart gaat volkomen naar jou uit; Hij houdt van jou! Wie je ook bent, wat je ook gedaan hebt of nagelaten; of je nu een voorbeeldig christen bent en denkt dat je wel recht op ietsje meer liefde dan anderen, of dat je  een regelrechte vijand bent van

God: Hij houdt voor de volle 100 % van jou!

Dat heeft niets te maken met warme gevoelens; maar met Zijn persoonlijkheid, Zijn wezen, Hij kan niet anders dan ons liefhebben.

De bekendste tekst uit de Bijbel zegt dat Hij ons allen zo heeft lief gehad, dat Hij …

‘de wereld’ ongelovigen, mensen die niet van God willen weten.

Paulus zegt dat Christus voor ons gestorven is, toen wij nog zondaars waren, (Rom. 5:8)

Al de zonden van de ongelovigen doen niets af aan zijn liefde voor de mensen. Hij heeft u, jou zo ontzettend lief; wie je ook bent en wat je ook op je kerfstok hebt.

Vs.9 en 10

‘niet dat wij Hem hebben liefgehad’ het is een éénzijdig en onvoorwaardelijk besluit.

Het liefste wat Hij had, Zijn eniggeboren Zoon, overgegeven, losgelaten, letterlijk opgeofferd. Zijn oogappel is totaal vernederd en mens geworden. En als mens opnieuw vernederd, uitgelachen, afgewezen, gepest; ze konden Hem wel dood kijken, en hebben Hem bijna van een berg geduwd en als een oproerkraaier overgegeven aan de Romeinen om nog verder vernederd te worden. En uiteindelijk is Hij aan een kruis vast gespijkerd om tergend langzaam te sterven.

Dat is de inhoud van Zijn liefde; hierin openbaar geworden, hierin laat Hij Zijn liefde zien. Hier staat niet: omdat God liefde is overkomt ons geen natuurrampen of oorlogen; heb je geen tegenslag of wordt je niet ziek. Gods liefde richt zich in eerste instantie niet op de aardse omstandigheden, maar richt zich op een veel hoger doel: Zijn gemeenschap met jou.

 

Wil je de liefde van God, dus Godzelf leren kennen? Kijk dan naar wat Hij in de Here Jezus voor je gedaan heeft. Hij heeft zichzelf op een gruwelijke manier kapot laten maken om het zonde probleem op te lossen. Toen ons leven hier op aarde begon ontvingen we een leven dat ‘vastgebakken’ is aan de zondemacht.

De zonde maakt scheiding, de communicatielijn naar God is daardoor dood, er is geen leven met Hem mogelijk is. Maar God heeft zoveel liefde voor ons, dat Hij zijn Zoon naar deze wereld zond. Onze zonden zijn Hem aangerekend, Hij droeg de straf, de doodstraf en heeft zo het contact met God herstelt: verzoening!

Opdat wij zouden leven, Vs.9 en ‘eeuwig leven hebben’ Joh.3:16.

Wie in geloof het offer van het kruis aanvaardt, ontvangt dat nieuwe leven. Niet het aardse leven van 60, 70, 80 of meer jaar, welnee dat is nog niet eens een stipje op de lijn van het eeuwige leven dat God voor ons heeft. Een leven dat voortkomt uit Gods liefde, een leven dat vol is van Zijn liefde, ja dat bestaat uit Gods liefde. Zoals Hij het van den beginne bedoelt heeft: in gemeenschap met Hem.

En dat leven vindt zijn oorsprong in Godzelf; geboren uit God schrijft Johannes. Over dit gemeenschapsleven lezen we in vs. 16 het volgende: (Vs.16b)

Jij in God, en Hij in jou; kan je een grotere eenheid voorstellen, totaal verweven met elkaar, je kunt niet meer zien waar jij ophoud en God begint. Dat is de liefde van God ten voeten uit, dat is God ten voeten uit. Zo is Hij, zo heeft Hij het bedoeld, dat is Zijn plan, dat is Zijn wens voor jou. Het is het gevolg van het gedoopt zijn in, ééngeworden zijn met Christus. En bij alles wat Hij zegt en doet, heeft Hij dit voor ogen. Een leven in gemeenschap met Hem. Dat mag ons levensdoel zijn, daarin vinden we onze bestemming, daar de bevrediging van onze diepste behoeftes, de rust, de vrede, het geluk, de waardering, de bevestiging van ons diepste zelf.

Het aardse bestaan is maar een tijdelijk doel; de aardse rust, vrede, geluk en waardering is maar zeer beperkt; ook in de gemeente vullen we dat te vaak menselijk in met als gevolg: teleurstelling ontmoediging, frustratie, conflicten en scheiding.

God richt zich meer op het eeuwige: het geestelijke leven in de gemeenschap van zijn liefde, een leven met Hem in de hemel voor eeuwig! Dat is namelijk het doel waarvoor je geschapen bent, waarvoor je hier op aarde bent. Je bent hier op aarde om het hemelse leven te leven in gemeenschap met God, in Zijn liefde.

vs11: ‘indien God ons zo heeft liefgehad behoren ook wij elkander lief te hebben’.

Dit is de praktische boodschap van Johannes, in zijn brieven worden we steeds weer opgeroepen om elkaar lief te hebben. Hij schrijft dat de liefde het ene gebod is waar alle anderen door vervuld worden. En noemt de liefde hét kenmerk van de gelovige. Aan het liefhebben kan je zien of iemand tot geloof gekomen is of niet. Wanneer we doorlezen in vs. 20 zie je dat het een logisch vervolg is: God houdt van ons, wij hebben Hem lief en daarom voldoen we aan zijn gebod om onze naasten lief te hebben.

Maar ook dit liefhebben van elkaar vullen we graag op een menselijke manier in. We willen elkaar wel liefhebben, maar er zijn grenzen; het mag niet al te veel van onszelf kosten en het moet natuurlijk wel in dankbaarheid aanvaard worden. En als er ook nog wat liefde terug komt, dan klop het helemaal.

Wanneer we op zondag hier samenkomen, dan zijn we goed gemutst, we begroeten elkaar vriendelijk, vragen hoe het is. Ga je in de voorjaarsvakantie nog weg, enz. en we noemen dat gemakshalve de gemeenschap der heiligen. Maar zonder iemand nu aan te vallen, dat is niet de liefde waar Johannes het over heeft. Dit is niet veel meer dan intermenselijk contact, we zijn gewoon aardig voor elkaar, we tonen belangstelling en geven over en weer complimenten enz. Dat is heel goed, gezond en bevordert de onderlinge eenheid en saamhorigheid. Maar wat nu als iemand niet zo aardig is, straks bij de koffie. Wat als je geen groet terug krijgt of in plaats daarvan afwijzend gebrom, of een lelijke opmerking?

Stel dat je voor de koffie gezorgd hebt, en je biedt mij een kopje aan, en ik neem een slokje en spuug het direct weer uit? Geef je me dan ooit nog eens een kopje?

Stel dat u dat nog eens doet, en zet het voor me neer, en ik schuif het met één beweging van tafel, ik ga zo bij mijn zus wel koffie drinken, die zet een vers bakje. Hoe reageer je dan? Je zal me geen koffie, thee of koekje meer aanbieden. En terecht.

Maar Gods liefde, zou mij thuis uitnodigen, en niet alleen verse koffie aanbieden maar een complete maaltijd!

Dit is een beetje vreemd voorbeeld; in de praktijk zal ik als koffie liefhebber nooit een bakkie leut afslaan. Maar toch gebeurt iets dergelijks vaker dan je denkt. We bekritiseren elkaar als het niet naar ons idee of smaak is; we negeren, kleineren en kwetsen maar al te vaak. Dat is een ernstige zaak en heeft niets meer met liefde te maken. Maar met eigen ideeën en gevoelens.

Aan onze vriendelijkheid, medemenselijkheid en liefde voor elkaar, zit een grens. Soms lukt het om die grens wat op te rekken; om de lieve vrede, en omdat we geestelijk willen en moeten zijn en de eenheid moeten bewaren enz. Dat is allemaal heel lovenswaardig, maar er komt bij ieder van ons toch eens die grens: en nou is het genoeg geweest.

Hoe zeer we elkaar ook mogen, waarderen en liefhebben; het blijft altijd maar beperkt.

Johannes zegt dat de onderlinge broederliefde hét kenmerk is van een discipel. Wanneer hij kerkelijk Nederland zou hebben gekend, had hij wel een andere conclusie getrokken. Grote verdeeldheid en veel onderling gehakketak en ruzie zijn eerder de kenmerken. En dat terwijl we toch heel oprecht de Heer willen dienen en volgen.

In ons tekstgedeelte worden we opgeroepen om elkaar van harte en onvoorwaardelijk lief te hebben; niet met ons eigen liefde want dat is maar een slap aftreksel van het echte werk. Het gaat om Gods liefde voor onze naaste. Hij heeft iedereen lief en wil ons gebruiken om die liefde aan anderen te tonen.

God heeft je echtgenoot lief, die ten koste van jou en de kinderen zich in z’n werk stort. God heeft je vader lief; ook al begrijpt hij ook helemaal niet van jou en maakt hij kwetsende opmerkingen.

God heeft je zoon lief, ook al trekt hij niets van jou aan en jou behandeld als het personeel van het hotel dat zijn ouderlijk huis is.

God houdt van je broer, je zus, die steeds op de computer zit als er nodig op moet (voor mijn huiswerk,ja!)

God houd van je collega, die de hele dag loopt te vloeken en je in de maling neemt omdat je naar de kerk gaat.

God houdt van de pestende mede scholieren en van de buurman die net als jij even rustig in de tuin wil zitten z’n gras moet maaien af het blad bij elkaar moet blazen.

God houdt volledig van al die irritante mensen in je directe omgeving en wil uitgerekend jou gebruiken om zijn liefde aan deze mensen te tonen.

Niemand heeft een excuus om te zeggen: ik kan niet zo lief hebben, ik kan dat niet opbrengen. Dat je het niet kan is juist de voorwaarde om God zijn werk te laten doen.

Rom.5:5 -> Zijn liefde uitgestort. Ik kan die ander niet liefhebben, OK, maar Hij kan het wel en wil jou gebruiken als een middel om zijn liefde door te geven.

Moeilijke mensen in onze omgeving zijn lastig, vervelend en irritant, maar ze zijn tevens een uitdaging en een mogelijkheid om te getuigen van Gods liefde, van wie Hij in wezen is. Zij vormen een voortdurende les om eigen gevoelens en gedachten bij het kruis te brengen en onder controle te brengen van Gods Geest. Iedereen die gestorven is voor de zonde en nieuw leven ontvangen heeft en dus uit God geboren is, is in staat om lief te hebben zoals Hij lief heeft. Laten we de ander zien zoals God die ander ziet.

Ga de komende dagen hier mee aan de slag, breng uw gevoelens en gedachten onder controle van zijn overweldigende liefde.

Pas uw mening over uw naaste aan; verander afwijzing in een open hart; buig kritiek om in bemoediging. Kortom laat Gods liefde door u stromen.

Twee bekende tekstgedeelten wil ik nog meegeven als huiswerk:

Gal.5:22 De vrucht van de Geest is….

1Cor.13 De kenmerken van de liefde, het karakter van God; de uitwerking van zijn liefde op de werkvloer van dit aardse leven; een getuigenis van Gods wezen in houding en gedrag.

God = liefde; als u daadwerkelijk christen bent en Hem wil volgen, dan moeten ze dat  ook van u kunnen zeggen: Kees = liefde; Karin = liefde; Gerrit = liefde en vul uw naam maar in. God wil uw hart bewerken en vullen zodat dat werkelijkheid mag worden.

Wellicht zijn er hier één of twee mensen die volgende week hier gaan staan om te getuigen hoe Gods liefde je heeft verandert en heeft uitgewerkt naar je naaste.

Ik wens u een liefdevolle week toe.

Doorwerking van Gods liefde in ons leven.

 

 1Cor.13:1-8.

Hoofdstuk 13 komt na 12; daar gaat het over de gaven van de Geest zoals het apostelschap, profetie, onderwijs, krachten, genezingen, hulpvaardigheid, bestuurlijke kwaliteiten, genezingen en verscheidenheid van tongen. Allemaal indrukwekkend en op Zijn tijd zeer nuttig in de evangelieverkondiging. Maar, zegt Paulus in het laatste vers: ik wijs u een weg die nog veel verder omhoog voert, die ver boven alles uitsteekt. En dan begint H.13.

 

Vs.1-  Je zal maar alle talen kunnen spreken; Engels en Duits hebben we op school gehad. We spreken allemaal Nederlands, de één wat beter verstaanbaar dan de ander; (van het Fries begrijp ik niet zoveel). Er zijn er die zich kunnen redden in het Frans of Spaans; zelf  kan ik een beetje Grieks lezen. Ik heb diep respect voor degene die Hebreeuws kunnen lezen en voor hen die zelfs Japans of Chinees spreken.  En helemaal voor iemand die wat van het spijkerschrift kan maken.

En als je naast alle menselijke talen ook nog eens de taal der engelen zou kunnen spreken. of onbekende talen door de Heilige Geest. Onze reactie: Geweldig, wat een superchristen. Gods reactie: in verhouding met mijn liefde stelt het helemaal niets voor! Het is net zo vervelend als een schel en irritant geluid! (rondzingen)

Vs.2- Ik heb enorm respect voor bijbelleraren die alles weten van het profetische Woord en ons kunnen vertellen hoe het (ongeveer) in de toekomst zal vergaan. En voor hen die heelveel kennis van Gods Woord hebben; die alle geheimenissen kunnen uitleggen. Maar het valt totaal in het niet bij Gods liefde en zonder die liefde slaat het de plank volledig mis.

Ook al heb je zo’n sterk geloof dat bergen voor je aan de kant gaan, en dat je in de naam van Jezus allerlei wonderen kunt doen dat zou geweldig en spectaculair zijn, maar zonder Gods liefde (blijkbaar kan dat): stelt het niets voor.

Vs.3- wat doe je als je geconfronteerd wordt met de honger in de wereld?  Je kunt je huis verkopen en het geld naar Pakistan sturen; of je auto en alle bezittingen ten behoeve van de nood in Haïti. Ja, zelfs je leven geven om anderen daar mee te helpen. Dat is geweldig, zo iemand verdiend minstens een standbeeld. Maar het levert je helemaal niets op in vergelijking met de liefde.

Zo liggen de verhoudingen, zo overweldigend groots is Gods liefde.

Wat zijn dan de kenmerken van deze liefde?

Vs.4- lang van gemoed, geduldig. Wordt uw geduld wel eens op de proef gesteld? Hoe geduldig bent u? Hoe geduldig is God, met u, met mij? Zijn liefde maakt ons net zo lang van gemoed als Hij is.

- goedertieren; tiert goed; het goede voor hebben; vriendelijk zijn, uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend. Wat weten we over Gods goedertierenheid -> tot in eeuwigheid (Ps.136). Hij is één en al goedheid, dwarsboomt niet en werkt niet tegen, maar zorgt juist voor ons.

- niet afgunstig; jaloers, andermans dingen begeren; de ander iets niet gunnen; of de buurman z’n nieuwe auto wel gunnen maar zelf iets beters, een duurdere of stoerdere willen. God heeft geen reden om andermans dingen te begeren, Hij heeft alles al en ook wij hebben in Christus meer dan we nodig hebben. Afgunst is een van de werken van heet vlees en Spreuken zegt dat het een vertering van het vlees is; je gaat er kapot aan.

 –loopt niet te pronken; trots in de zin van: kijk mij eens; aandacht trekken, in het middelpunt willen staan; laten zien hoe goed je wel niet bent; opgeblazen; je beter voordoen dan je bent (CV); gebakken lucht, een luchtbel; aanmatigend, gewichtig.

Gods liefde maakt je bescheiden, het gaat niet om jouw goedheid, maar hoe goed Hij is;

 - kwetst niemands gevoel; we kwetsen vaak onbewust bv door de één enthousiast te begroeten en de ander min of meer te negeren. Vaak verwoorden we onze eigen gedachtes en ideeën zonder te realiseren wat dat met de ander zou kunnen doen. Een roodharige noemen we ‘rooie’, dat is grappig, toch? Ook nemen we niet altijd de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van wat we zeggen en doen; bv door kritiek op de broederraad  te hebben en dat met elkaar te bespreken en niet met de oudsten in de raad. Ik heb gezien hoe dat een complete gemeente onderuit haalde.

Gods liefde is op het welzijn van de ander gericht en veroorzaakt geen pijn of beschadiging.

-zoekt zichzelf niet;  we zijn allemaal enigszins egoïstisch, dat is de natuurlijk mens. We hebben onze handen vol om die houding bij onze kinderen in goede banen te leiden.  We zijn op onszelf gericht, doen aan zelfbehoud en willen graag aandacht en erkenning en dwingen dat desnoods af. Ook willen we graag gelijk hebben en staan niet open voor een andere mening;  mijn mening is de juiste en anderen moeten ook zo denken of minstens de ruimte geven zodat ik kan zijn wie ik ben. Hoe gaat God om met andersdenkenden? Hij accepteert hen, net zoals Hij ons accepteert met onze ideeën; Hij dringt zijn mening niet aan ons op. Gods liefde tilt je boven de meningen uit; de liefde stelt ons in staat om naast elkaar God te zoeken en te dienen ipv tegenover elkaar. De verschillende standpunten moeten geen strijdpunten worden, het gaat er uiteindelijk niet om wie er gelijk heeft; zoeken we ons eigen gelijk of zoeken we God.

-raakt niet verbitterd; verbittering ontstaat door een opstapeling van negatieve ervaringen; je vindt het onrechtvaardig, raakt beledigd, ontwikkelt wrok en zint op wraak. Negatieve ervaringen bij elkaar opgeteld maakt je zuur, geïrriteerd en gespannen en zelfs agressief.

God heeft alle reden om verbitterd te raken maar zijn liefde wordt niet minder wanneer we Hem geen recht doen. Gods liefde stelt ons instaat om het onrecht te aanvaarden er los van te komen en het een plaats te geven. Je kunt moeilijk boos blijven op degenen waar je van houdt. Zijn liefde is veel en veel groter dan wat ons is aangedaan.

- rekent het kwade niet toe, neemt niet kwalijk. Och zijn we goed in het kwalijk nemen; het lijkt wel een aangeboren hobby om elkaar te beschuldigen.  Meestal gebeurt het niet eens met kwade bedoelingen; het is vaak het gevolg van eigen onzekerheid, onkunde of frustratie. Beschuldigen en kwalijk nemen tast de eenheid aan en leidt tot achterdocht en kwaadsprekerij. Ze zullen wel denken dat… en dan dichten we de ander iets negatiefs toe.

Gods liefde beschuldigt niet maar vergeeft; de Here Jezus aan het kruis en Stefanus bij de steniging rekenen het kwade niet toe maar gaan voor hun moordenaars in gebed: Vader vergeef het hun…

Vs.6- niet blij met ongerechtigheid. We kunnen makkelijk gericht zijn op andermans fouten en tekortkomingen; we zijn blij als er bij iemand, die we niet zo mogen, iets fout gaat: haha, gerechtigheid!

- blij met de waarheid; welke waarheid, de onze? Je kunt hetzelfde feit op verschillende manieren bekijken. God staat op het punt om een eind te maken aan deze wereld maar het is net zo waar dat er in de Here Jezus een nieuw begin mogelijk is.

De Waarheid = de Here Jezus. Ef.4:15 ‘ons aan de waarheid houdende groeien we in liefde naar Hem toe’.

Vs.7- zij bedekt alles; zonde toedekken (Pet.: liefde bedekt vele zonden) ipv van aan de grote klok hangen. Niet in de doofpot stoppen maar in liefde, persoonlijk terechtwijzen. Bedekken is beschermen en niet onderuithalen of aanvallen.

-zij gelooft alles; ze is niet goed gelovig (alles wijs maken), maar vertrouwt op de goede afloop. Op het Amerikaanse geld vinden we het collectieve vertrouwen op God. In de praktijk vertrouwen zij, denk ik, meer op de waarde van hun geld. Liefde gaat uit van vertrouwen, niet van wantrouwen. God gelooft in ons en weet dat het in zijn Zoon goed komt. Geloven wij in Hem en hebben we vertrouwen dat het niet alleen goed komt, maar het nu al goed is?

- zij is gericht op hoop; politici spiegelen ons hoop voor, maar kunnen dat niet altijd waarmaken. De hoop die Gods liefde geeft is niet onzeker over de afloop maar is een vast vertrouwen op Gods: wat Hij belooft gaat gegarandeerd gebeuren, ook al zie ik het nu nog niet.

- zij verdraagt alles; ze houdt stand, gaat niet kapot ondanks alle tegenstand, spot, laster vernedering enz. Gods liefde maakt dat we alles aankunnen, niet bezwijken en blijven liefhebben.

Vs.8- zij vergaat nimmermeer; (vs.8-10 en 13 )alle gaven, alle kennis, hoe geweldig en spectaculair ook, zijn tijdelijke zaken en zijn al beëindigd of zullen voorbijgaan; de liefde stijgt daar ver boven uit en is eeuwig!

 

Aan onze vriendelijkheid, medemenselijkheid en liefde voor elkaar, zit een grens. Soms lukt het om die grens wat op te rekken; om de lieve vrede, en omdat we geestelijk willen en moeten zijn en de eenheid moeten bewaren enz. Dat is allemaal heel lovenswaardig, maar er komt bij ieder van ons toch eens die grens: en nou is het genoeg geweest.

Er zijn ook hier wel broeders en zusters waar u liever niet al te veel contact mee hebt. Bij het koffiedrinken zoeken we juist die mensen op waar we het goed mee kunnen vinden. Er zijn ook mensen die de gemeente in onvrede hebben verlaten; kunnen we nog gemeenschap met hen hebben?

Hoe is het in onze gezinnen? Lukt het om je vrouw, je man altijd lief te hebben?

En je kinderen, nooit eens de nijging gehad om ze achter het behang te plakken, of het huis uit te sturen. Hoe zit het met je ouders; ze begrijpen er niets van; waarom laten ze me niet met rust. En je broer of zus? Nooit eens flink ruzie gehad en geroepen: ik hat je!?

Hoe zeer we elkaar ook mogen, waarderen en liefhebben; het blijft altijd maar beperkt.

Het lukt ons gewoon niet om elkaar lief te hebben zoals God dat van ons vraagt. Dat is onmenselijk.

Maar het gaat hier ook niet om de wederzijdse genegenheid, het gaat hier niet om de onderlinge vriendschapsband, de verbondenheid omdat we hetzelfde denken en geloven; de eenheid in leer of dogma. Hier gaat hier om Gods liefde; liefhebben zoals Hij lief heeft. Agapè, in het grieks, de eenzijdige onvoorwaardelijk liefde, een opofferende liefde die geeft en geeft en geeft, ten koste van jezelf. Liefhebben tegen de stroom in; zelfs je vijanden liefhebben. Zo liefhebben kan alleen God. Deze liefde heeft Hij uitgestort in jouw hart. (Rom.5:5) Niet langzaam, of mondjes maat; maar uitgestort: met bakken uit de hemel. Zo wordt je hart overvol en loopt het aan alle kanten over van zijn liefde.

Niemand heeft een excuus om te zeggen: ik kan niet zo lief hebben, ik kan dat niet opbrengen. Dat je het niet kan is juist de voorwaarde om God zijn werk te laten doen. Hij kan het wel en wil jou er voor gebruiken.

 

Moet je dan alles maar over je heen laten komen, alles maar laten gezeggen en je als deurmat laten gebruiken? Nee. Je mag zeggen hoe het op je overkomt wat het met je doet en hoe je er over denkt. Maar laat Zijn liefde in je hart het uitgangspunt zijn. Ga de ander niet verwijten, reageer niet vanuit je boosheid, of je gekwets-zijn. Tel tot 10, ga in gebed, in gemeenschap met God, vul je hart met Zijn liefde, en laat Hem door je heen werken.

Moeilijke mensen in onze omgeving zijn lastig, vervelend en irritant, maar ze zijn tevens een uitdaging en een mogelijkheid om te getuigen van Gods liefde, van wie Hij in wezen is. Zij vormen een voortdurende les om eigen gevoelens en gedachten bij het kruis te brengen en onder controle te brengen van Gods Geest.

In Galaten lezen we niet voor niets dat de liefde geen vrucht is van onszelf maar van de Geest, (5:22). Elkaar lief hebben heeft niet zozeer te maken met wederzijdse genegenheid, het is geen medemenselijkheid of elkaar graag mogen. Het is een keuze om God te laten zien in onze handel en wandel. We mogen getuigen van hoe Hij is door de eigenschappen, die voortkomen uit Zijn liefde, in ons leven door te laten werken.

Dat is houden van, dat is liefhebben zoals God het heeft bedoeld; zo wordt Zijn naam verheerlijkt en bewaren we de eenheid in Christus.

Ik weet niet hoe het met u gesteld is, maar ik moet nog veel  leren, veel loslaten en overgeven aan Hem.

Maar wat is het heerlijk om te vertoeven in Zijn liefde en wat een zegen voor ons zelf en onze omgeving om daar uit te leven.

Amen.